Pagina printen
Disclaimer
Links

GEEN FICTIEVE VERKRIJGING BIJ UITGESTELDE LEVERING WONING

 

De Hoge Raad heeft onlangs een arrest gewezen waarin de volgende situatie speelde. Een vader had bij leven aan zijn zoon een woning verkocht, waarbij de levering en de betaling van de overeengekomen koopsom tot uiterlijk zes maanden na zijn overlijden werden uitgesteld. Bij testament zijn de kinderen tot enig erfgenamen benoemd en heeft moeder het gebruik en bewoning van de woning gelegateerd gekregen. Op 16 juni 1998 overlijdt vader, waarna de erfgenamen bij notariŽle akte van 30 oktober 1998 de woning onder de last van het gebruik en bewoning, aan de zoon leveren voor de afgesproken koopsom. De inspecteur stelt dat de woning krachtens erfrecht is verkregen en neemt de waarde in vrij opleverbare staat verminderd met de koopsom, als fictieve verkrijging in aanmerking. De Hoge Raad is het echter met het Hof eens dat de woning niet krachtens erfrecht is verkregen, maar krachtens de gesloten overeenkomst. De juridische eigendom, het economische belang en het risico van tenietgaan van de woning behoort tot de levering tot het vermogen van de erflater. De verkoop is derhalve geen omzetting van een vermogensbestanddeel in een genotsrecht dat eindigt bij het overlijden van de erflater. De verkrijging kan daardoor geen fictieve verkrijging in de zin van artikel 10 SuccessieWet zijn.

HOME / FISCAAL NIEUWS / Successiebelasting / Geen fictieve verkrijging bij uitgestelde levering woning